Chips met tzatziki, boompje en banjo

Het is weekend. En in het weekend doen wij altijd Hele Spannende Dingen. Zoals een opname van “Met het Mes op Tafel” kijken met een slokje donker bier een kladblokje erbij om mee te kunnen doen en dan te kijken wie van ons er ‘wint’ (gelijke stand). Die ontgoocheling schransen we vervolgens weg met twee smaken chips.
Ik moet wat zeggen over de chips die we aten. Toen ik nog een middelbaarschoolannemiekje was, week ik niet van de zijde van mijn (nog steeds) lieve vriendin L. Ik herinner mij dat ze op een avond belde met de vraag of ik misschien Gone with the Wind wilde komen kijken. Sure, een film -altijd leuk-, dacht ik. Ik maakte niet erg veel haast om er te komen. Daar tegen half tien aangekomen werd ik aangekeken alsof ik gek was. Anderhalf uur trage film later wist ik waarom…. toen ik opgelucht ademhaalde, omdat de kwelling voorbij was, zeiden ze vrolijk: “zo, pauze en dan deel twee“. Als er geen ribbelchips met tzatzikidip was geweest, dan was ik met gezwinde spoed weer huiswaarts gekeerd.
En dat aten wij dit weekend: naturel chips met zelfgemaakte tzatziki. Een merkwaardige, maar zeer snackwaardige combinatie.

Iets romantischer dan de quiz&chips, was het zelf uitgraven van een kerstboom, wat we vrijdagmiddag deden. Nouja, zelf… ik hield T. in de gaten, die inmiddels al een aantal keer op zijn gat was gevallen en met een modderkont liep en mijn P.  hanteerde de schep en haalde legaal een reuzeleuk boompje uit de grond. Als hij de feestdagen overleeft, mogen we hem terug brengen, zodat hij weer terug in de natuur terug komt. Dat vinden zowel de boom als mijn geweten heel prettig.

Vandaag was ik uitgenodigd bij M. te Z. voor koffie en lunch met enkele andere dames. Ik had mij lekker op een treinstoel gevleid met What (not) to eat van Marjan Ippel, toen drie verklede figuren naast mij kwamen zitten. Ze vonden zichzelf reuzebijzonder, want tegen een imaginair publiek (er was verder niemand anders in de coupé en ik zat ernstig in mijn boek gedoken) lieten ze even weten dat ze niet zo eng waren als ze er uit zagen. Ik woon al mijn hele leven in de Randstad, dus kijk niet op of om van een beetje uitbundigheid in kleding.
Ik had weinig last van hun puberale gesprekken (het woord loser viel meermalen, gezellig), omdat What (not) to eat zo lekker las. Een absoluut onderhoudende uiteenzetting over alle huidige eettrends, een must-have voor alle foodies. Focus op de windrichtingen Noord, Oost, Zuid, West en Hart (over vrouwen en kinderen in het eetwezen; echt genieten en herkenbaar!).
Maar toen de Middeleeuwse hippie op zijn banjo ‘Jingle Bells’ begon te tokkelen en een peuter even verderop mee begon te ‘zingen’, moet ik wel erg mijn best doen om nog te snappen wat Marjan me vertelde in het boek.
Op de terugweg zat ik tegenover een jongedame die uit haar tas een soort pocketboekje uit de jaren ’80 haalde, met de titel ‘koken met wijn’. Ik kon het niet nalaten haar even uit het boek te halen om te vragen of ze nou een roman las of een kookboek. “Voor 1,50 bij een schattig tweedehands winkeltje.” Net toen ze over de inhoud wilde uitwijden, zag ze een bekende en bleef mijn nieuwsgierigheid onvervuld.

Bij M. kregen we heerlijke cappuccino, cakejes, pastinaaksoep en quiche. Hulde aan het samen eten en vooral zelf koken. Ik wil graag nog even linken naar een mooi stuk dat Janneke Vreugdenhil van de week hierover schreef.

Smetje op een verder prettig weekend: voor de tweede keer last van pijnboompittenleed. Gelukkig niet zo heftig als de vorige keer.

2 reacties

  1. Ik kook toch liever zelf zodat mijn kinderen later in ieder geval het verschil proeven tussen een wortel en een sperzieboon ;).

  2. Ha Manuela, waar is jouw opmerking een reactie op? :)

Laat een reactie aan Manuela achter Annuleer reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*