Sicilië, 3/4

Dinsdag
P.’s tempeldoop. Ik heb in Griekenland en Italië al veel tempels gezien, maar hij nooit eerder. De tempelvallei ligt onder Agrigento en bestaat uit één behoorlijk intacte tempel en meerdere ruïnes niet ver van elkaar vandaan. Het is bloedheet en we zijn blij er in september te lopen. We lunchen met een calzone met spinazie en mozzarella en een suikerbommetje (amandelspijs met eromheen een broodje).
We hoopten dat ‘tutto per la casa‘ open was om op de terugweg ons lekkende espressopotje om te ruilen, maar we bleken precies tijdens sluitingsuren te arriveren. Dan maar een hapje eten tussen de pauzerende locals in de Trattoria. Zonder menukaart lukt het gelukkig toch om twee zeer fijne veggie pastaschoteltjes te eten; die met ricotta en tomaat was het lekkerst.

Woensdag
Lummelen, zwemmen, stukje rijden, gekke voorraaddoosjes gekocht met citroenen erop en een kansloos, felgekleurd stuk hout met eetafbeeldingen dat het toch wel gezellig gaat doen in onze nieuwe keuken. Voor het opentrekken van een fles Processo en een potje kaarten nog even een pastasaus in elkaar gezet met een gekke soort courgette erin en oesterzwammen, aubergine, tomatenblokjes, ui en paprika. De pasta die we eten heet ‘trine no. 14’; fascinerend.. Toe espresso en een Torta Paradiso van Balconi, ons favoriete merk kansloze voorverpakte cakejes.

Donderdag
Palermo met de trein. De mooie oude stad wordt geteisterd door claxonerende auto’s en scooters. De schoonheid van de oude gebouwen gaan er wat mij betreft een beetje in verloren. Ik begrijp ook ineens waarom Japanners monddoekjes dragen. Na een half uurtje voel ik de uitlaatgassen in mijn keel. We wagen ons eerst de meest drukke weg op, om bij een juweeltje van een banketbakker te komen. Hier eten we eindelijk de lang op gehoopte brioche met ijs en verse amandelmelk (latte di mandorla). De rest van de middag brengen we door met een wandeling door de stad, het bezoeken van marktjes, eten van een pizzaatje en het wagen van ons leven door de drukke wegen steeds over te steken. Je kunt wachten tot je een ons weegt, dus moet je gewoon de weg op lopen en dan wachten op hard remmende Italianen. Over het algemeen is dit een succesvolle methode, je moet alleen wel een beetje lef hebben. In de pizzeria kregen we een Torta Cassata toe, het ijs was namelijk op, maar jeee, wat een heerlijk taartje! Het was Cassata meets Cannoli.

Laat een reactie achter

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*